Het was een dinsdagmorgen, het tweede lesuur, en ik had zojuist de totempaaltekeningen uitgedeeld aan de leerlingen van mijn gymnasium 2-klas. Zondagavond was mijn oma overleden. De vrouw met wie ik vroeger samen hutten bouwde en verstoppertje speelde. Met wie ik samen MTV ontdekte in de jaren tachtig en met wie ik op het behang tekende. De vrouw die als credo had ‘dat bij oma alles mag’ en me in bijna veertig jaar tijd slechts een half moment teleurstelde door me, met pijn in haar hart, van mijn wankele Sinterklaasgeloof af te helpen.

Voelen leraren zichzelf niet geregeld een beetje té belangrijk door hun vak zo serieus te nemen?

Na een zware buikoperatie, die wonderbaarlijk goed was verlopen, ging ze die zondag snel ­achteruit. We waren de hele dag bij haar. En ondanks de surrealistische wetenschap dat de dood op haar wachtte, straalde ze een en al rust uit. Ze was niet bang om dit leven in te wisselen voor het magische ongewisse.

Universeel en menselijk

Nadat Jasper zijn vraag had gesteld, had het geen zin om te ontkennen. En waarom zou ik tegen beter weten in acteren dat ik niet moe was en mijn emotie van dat moment tenietdoen? De impact die het overlijden van een dierbaar iemand op ons heeft, is immers universeel en menselijk. Herkenbaar voor velen en niets om je voor te schamen. Het maakte me kwetsbaar en tegelijk zorgde zijn reactie voor een moment van erkenning.

Ik legde hem uit wat er gebeurd was. Hij knikte veelzeggend en begrijpend. Door zijn reactie gaf deze leerling me zijn loyaliteit en sympathie. Ik mocht moe zijn. Ik mocht mijn verdriet hebben. Ik mocht menselijk zijn. Wellicht herkende hij bij binnenkomst van het lokaal de non-verbale signalen die ik onbewust overbracht die hem wezen op verdriet dat hij ook ooit had?

De nodige hilariteit

The show must go on. De leerlingen gaan zelfstandig en enthousiast aan de slag met het ontwerp van hun totempaal. Nadat ik het digitale klassenboek heb ingevuld, observeer ik vanachter mijn bureau het creatieve proces van de jonge individuen voor mij in het lokaal.

Pascal Cuijpers, docent beeldende vorming en publicist. Begin ­september verschijnt zijn tweede boek, Leraren Zijn Net Echte Mensen (uitgeverij Quirijn)

Pascal Cuijpers, docent beeldende vorming en publicist. Begin ­september verschijnt zijn tweede boek, Leraren Zijn Net Echte Mensen (uitgeverij Quirijn) ©

Ik realiseer me opeens dat lesgeven ook vaak het spelen van een rol is. Een pedagogische act, waarbij alles moet wijken voor dat ene moment in de week waarop de leerlingen een vakkunstje van je verwachten. Waar er naar je wordt gekeken en waar elke slip of the tongue wordt uitvergroot en bekritiseerd. Met de nodige hilariteit eromheen. Waar van je wordt verwacht dat je er staat. Dat je je dingetje doet. Goed bent voorbereid. En alles kunt en weet, op, in en over jouw vakgebied.

‘Voelen leraren zichzelf niet geregeld een beetje té belangrijk….?’

Maar is dat ook wel zo? Voelen leraren zichzelf niet geregeld een beetje té belangrijk doordat ze hun vak en verantwoordelijkheid zo serieus nemen? Laten ze zich niet geregeld meeslepen in de waan(zin) van de dag en de dwingende criteria en normen op weg naar de eindexamens? Misschien wel.

Vertrouwen

Kwetsbaarheid kunnen en durven tonen is echter belangrijk in de band die je opbouwt met je leerlingen. Investeer daarin. Je mag als leraar moe zijn en uitleggen waarom dat zo is. Het geeft een signaal aan de leerlingen dat je ze vertrouwt. Des te groter is de wederzijdse opbrengst in de omgang met elkaar in de jaren die volgen. Daarnaast geeft het ook rust en voldoening en biedt het veiligheid en kansen tot relativering.

‘Oma zou het in elk geval prachtig hebben gevonden.’

Ondertussen denk ik na over een volgende les. De muren zijn nog erg wit in het nieuwe tekenlokaal. Zou het niet een uitdaging zijn om de geschetste totempalen onder begeleiding van luide muziek op de muren te schilderen? Oma zou het in elk geval prachtig hebben gevonden.