Tekst door Lindsay Stegenga, edit en introductie door Astrid Feringa 
In 2012 is Lindsay voor drie maanden opgenomen geweest in een GGZ kliniek. Ze ging er naartoe in staat van crisis, maar in plaats van geholpen te zijn, kwam ze er juist gedesillusioneerd weer uit. De opname heeft een grote impact gehad op het verloop van haar leven daarna. Nu, ruim 8 jaar later, maakt ze samen met vriendin en filmmaker Astrid, een documentaire over deze impact, waarbij Lindsay haar opname rapportages de rode draad vormen. 

Vervreemding

“Vorig jaar heb ik de rapportages van mijn opname opgevraagd. Om het na al die tijd terug te lezen was confronterend, maar het bevestigde ook het gevoel wat ik had tijdens mijn opname: de gebeurtenissen die erin zijn opgeschreven, en dus belangrijk geacht worden, komen niet altijd overeen met mijn beleving van die tijd. De informatie in de rapportages voelt selectief, terwijl hier vervolgens wel een behandeling op gebaseerd wordt.
'Was ik dan echt zo gek?'
Ik las terug hoe mijn gedrag onder een vergrootglas kwam en voornamelijk werd toegeschreven aan mijn diagnose. Ik was mijn diagnose. En alles wat niet ‘normaal’ was, was daaraan verbonden. Dit terwijl poliklinisch altijd gefocust werd op jezelf leren uiten, en het slogan ‘je bent niet je stoornis, maar je hebt er een’ als uitgangspunt werd uitgedragen.
Tijdens mijn opname kon ik dit verschil, tussen institutionele communicatie en mijn eigen ervaring, niet rijmen. Helemaal in zo’n kwetsbare mentale staat, heeft dat impact gehad. Was ik dan echt zo gek? Het gaf veel frustratie, en heeft bij mij juist gezorgd voor vervreemding en isolatie, en daarmee ook (zelf)stigmatisatie.”

Subjectief

“Ik wist dat er rapportages bij werden gehouden, en ik wist ook dat de verpleging en de psychiater deze vervolgens als leidraad aanhielden in de omgang met mij. Hierom vroeg ik al vrij snel of ik de rapportages mocht lezen, wat regelmatig zorgde voor woordenwisseling. Ik zag dat gebeurtenissen die op mij juist veel impact hadden werden weggelaten, en dat wat er wel stond, was naar mijn idee heel subjectief opgeschreven.
Ik herken mezelf in de rapportages, in zoverre dat ik weet hoe ik mij daar heb gedragen, maar ik weet ook dat dit niet overeenkomt met hoe ik normaal gesproken reageer op situaties. Nu was deze situatie ook niet gangbaar, maar ik had niet verwacht dat ik mij in de kliniek mij juist onveiliger zou voelen dan erbuiten. Ik vond het erg naar dat ik me - door alle omstandigheden - juist daar zo anders heb gedragen.”

Van rapportage naar documentaire

“Om dit publiekelijk uit te spreken middels een documentaire, voelt ontzettend kwetsbaar. Tegelijkertijd heb ik sinds mijn opname erg de drang om iets te doen met deze ervaring, omdat ik van binnenuit kan vertellen waar verbeter punten liggen. Ook hebben we sinds het delen van ons plan voor deze film veel reacties gekregen van mensen met vergelijkbare ervaringen, wat bijdraagt aan het gevoel van urgentie.
'En voor cliënten hoop ik dat het helpt om te zien/horen dat ze niet alleen zijn.'
Zeker in context van de hervormingen van de GGZ en de problematiek bij het behandelen van ‘complexe’ gevallen, denk ik dat het een verdiepende laag kan aanbrengen binnen de hulpverlening. Om eens vanuit een ander perspectief te kijken. En voor cliënten hoop ik dat het helpt om te zien/horen dat ze niet alleen zijn - dat het niet alleen hun stoornis is, maar ook het systeem.

Impact

“Vanuit mijn huidige opleiding (Social Work) leer ik om vanuit meerdere perspectieven naar een situatie te kijken, en vooral om te kijken naar de gehele context. De huidige psychologie/psychiatrie is voornamelijk gericht op het individu, en dat is waar naar mijn idee nog veel winst valt te behalen. In die zin wil ik het meest bereiken op beleidsniveau, binnen de hulpverlening. En dan met name voor mensen die tussen wal en schip vallen, die niet horen bij het gemiddelde of standaard protocol. Ik wil laten zien dat er een context bestaat, maar ook wat het effect kan zijn van de huidige ‘behandeling’. De manier van omgaan met cliënten kan ontzettend bepalend zijn, en daar mag ook best meer openheid over komen.”
De korte documentaire CRISIS wordt grotendeels gefinancierd door Omroep Gelderland en GoShort International Short Film Festival, op voorwaarde van een succesvolle crowdfunding. Wil je bijdragen aan de realisatie van deze documentaire? Dat kan via de campagne: https://cinecrowd.com/en/crisis. Mede mogelijk gemaakt door ADF Stichting. 
Tekst door Lindsay Stegenga, edit en introductie door Astrid Feringa 
In 2012 is Lindsay voor drie maanden opgenomen geweest in een GGZ kliniek. Ze ging er naartoe in staat van crisis, maar in plaats van geholpen te zijn, kwam ze er juist gedesillusioneerd weer uit. De opname heeft een grote impact gehad op het verloop van haar leven daarna. Nu, ruim 8 jaar later, maakt ze samen met vriendin en filmmaker Astrid, een documentaire over deze impact, waarbij Lindsay haar opname rapportages de rode draad vormen. 

Vervreemding

“Vorig jaar heb ik de rapportages van mijn opname opgevraagd. Om het na al die tijd terug te lezen was confronterend, maar het bevestigde ook het gevoel wat ik had tijdens mijn opname: de gebeurtenissen die erin zijn opgeschreven, en dus belangrijk geacht worden, komen niet altijd overeen met mijn beleving van die tijd. De informatie in de rapportages voelt selectief, terwijl hier vervolgens wel een behandeling op gebaseerd wordt.
‘Was ik dan echt zo gek?’
Ik las terug hoe mijn gedrag onder een vergrootglas kwam en voornamelijk werd toegeschreven aan mijn diagnose. Ik was mijn diagnose. En alles wat niet ‘normaal’ was, was daaraan verbonden. Dit terwijl poliklinisch altijd gefocust werd op jezelf leren uiten, en het slogan ‘je bent niet je stoornis, maar je hebt er een’ als uitgangspunt werd uitgedragen.
Tijdens mijn opname kon ik dit verschil, tussen institutionele communicatie en mijn eigen ervaring, niet rijmen. Helemaal in zo’n kwetsbare mentale staat, heeft dat impact gehad. Was ik dan echt zo gek? Het gaf veel frustratie, en heeft bij mij juist gezorgd voor vervreemding en isolatie, en daarmee ook (zelf)stigmatisatie.”

Subjectief

“Ik wist dat er rapportages bij werden gehouden, en ik wist ook dat de verpleging en de psychiater deze vervolgens als leidraad aanhielden in de omgang met mij. Hierom vroeg ik al vrij snel of ik de rapportages mocht lezen, wat regelmatig zorgde voor woordenwisseling. Ik zag dat gebeurtenissen die op mij juist veel impact hadden werden weggelaten, en dat wat er wel stond, was naar mijn idee heel subjectief opgeschreven.
Ik herken mezelf in de rapportages, in zoverre dat ik weet hoe ik mij daar heb gedragen, maar ik weet ook dat dit niet overeenkomt met hoe ik normaal gesproken reageer op situaties. Nu was deze situatie ook niet gangbaar, maar ik had niet verwacht dat ik mij in de kliniek mij juist onveiliger zou voelen dan erbuiten. Ik vond het erg naar dat ik me – door alle omstandigheden – juist daar zo anders heb gedragen.”

Van rapportage naar documentaire

“Om dit publiekelijk uit te spreken middels een documentaire, voelt ontzettend kwetsbaar. Tegelijkertijd heb ik sinds mijn opname erg de drang om iets te doen met deze ervaring, omdat ik van binnenuit kan vertellen waar verbeter punten liggen. Ook hebben we sinds het delen van ons plan voor deze film veel reacties gekregen van mensen met vergelijkbare ervaringen, wat bijdraagt aan het gevoel van urgentie.
‘En voor cliënten hoop ik dat het helpt om te zien/horen dat ze niet alleen zijn.’
Zeker in context van de hervormingen van de GGZ en de problematiek bij het behandelen van ‘complexe’ gevallen, denk ik dat het een verdiepende laag kan aanbrengen binnen de hulpverlening. Om eens vanuit een ander perspectief te kijken. En voor cliënten hoop ik dat het helpt om te zien/horen dat ze niet alleen zijn – dat het niet alleen hun stoornis is, maar ook het systeem.

Impact

“Vanuit mijn huidige opleiding (Social Work) leer ik om vanuit meerdere perspectieven naar een situatie te kijken, en vooral om te kijken naar de gehele context. De huidige psychologie/psychiatrie is voornamelijk gericht op het individu, en dat is waar naar mijn idee nog veel winst valt te behalen. In die zin wil ik het meest bereiken op beleidsniveau, binnen de hulpverlening. En dan met name voor mensen die tussen wal en schip vallen, die niet horen bij het gemiddelde of standaard protocol. Ik wil laten zien dat er een context bestaat, maar ook wat het effect kan zijn van de huidige ‘behandeling’. De manier van omgaan met cliënten kan ontzettend bepalend zijn, en daar mag ook best meer openheid over komen.”
De korte documentaire CRISIS wordt grotendeels gefinancierd door Omroep Gelderland en GoShort International Short Film Festival, op voorwaarde van een succesvolle crowdfunding. Wil je bijdragen aan de realisatie van deze documentaire? Dat kan via de campagne: https://cinecrowd.com/en/crisis. Mede mogelijk gemaakt door ADF Stichting.