Door: Anne van Winkelhof

Dood willen is niet gezellig. Niet iets om te vertellen op een verjaardagsfeestje. Wel iets om je schuldig over te voelen – dat doe ik in ieder geval. Ik vind het verschrikkelijk dat mensen doodziek worden, bang zijn om dood te gaan en moeten vechten voor hun leven, terwijl ik flirt met de dood. Ik wil ook heus niet altijd dood, maar toch vaak genoeg om ermee bezig te zijn. Zeker als ik de interviewreeks van Fokke Obbema over de zin van het leven lees. Dood willen is geen alledaagse behoefte, maar toch heb ik het erover. Ik citeer hierbij graag Fokke Obbema: ‘Openheid leidt tot openheid.’

Doodsdrift, ik vind het een mooi woord. Volgens Freud, die met de term kwam, betekent het zo ongeveer: ‘Het streven naar de opheffing van alle spanning.’ Er is veel kritiek op Freud zijn theorie over de driften, maar naar mijn idee klopt zijn beschrijving van de doodsdrift wel. In mijn leven is de dood altijd een oplossing geweest voor mijn problemen die ik ervaar bij en tijdens het leven. Een onherroepelijke oplossing, maar nog steeds een oplossing en, voor mij, zelfs vaak een logische.

Controle

Door mijn obsessief-compulsieve persoonlijkheidsproblematiek heb ik graag (understatement) controle. En dus ook controle over de betekenis van mijn leven, ons leven, het leven. Ik wil alles kunnen begrijpen: wat mijn plek hier op aarde is, in de maatschappij, tussen andere mensen, hoe de samenleving werkt, hoe we zo zijn geworden en hoe we ons tot elkaar verhouden.

'Het ervaren van controle op die manier is voor mij, als psychisch kwetsbaar persoon, zinvol.'

Bovendien wil ik controle hebben over mijn sterven. Ik wil beslissen wanneer ik doodga en hoe. Dat idee geeft me rust. In het interview van Fokke Obbema met Jan Mokkenstorm wordt Camus aangehaald: ‘Dat je verdraagt dat het [het leven, AW] onduidelijk is, verdraagt dat het onzeker is en omgaat met het zinloze’ (De Volkskrant, 21 oktober 2018). Door hoe ik in elkaar zit, vind ik het ontzettend lastig om die onduidelijkheid en onzekerheid te verdragen. Ik wil dat liever niet en plan, op slechte dagen, mijn dood. Het ervaren van controle op die manier is voor mij, als psychisch kwetsbaar persoon, zinvol.

Je verbonden voelen

In het gesprek tussen Fokke Obbema met Sanneke de Haan stelt zij dat het voelen van verbondenheid, of dit nu is met mensen of met een vorm van kunst, betekenis aan het leven geeft. Wat als het niet lukt om je verbonden te voelen – aan mens of kunst? Sanneke de Haan: ‘In de psychiatrie zie ik mensen die ongelukkig zijn omdat ze juist die verbondenheid niet ervaren. Mensen die zich geïsoleerd voelen, niet gekend, of niet kunnen voelen wat anderen voelen bij een bos bloemen of bij het luisteren naar Bach’ (De Volkskrant, 30 september 2018).

Dat herken ik. Ik ben een gevoelig mens en waardeer kunst. Ik schrijf zelf en probeer met mijn teksten dichterbij het gevoel van verbondenheid te komen. Maar vaak genoeg verlies ik door de onrust in mijn hoofd een gevoel van nabijheid, veiligheid en warmte. En dat is niet omdat ik geen lieve mensen om me heen heb of me niet kan verbinden aan ‘mooie’ dingen als muziek of tekst, maar omdat ik de verbondenheid met mezelf vaak mis. Het lukt me op die momenten niet om mijn hoofd (ratio) te verbinden met mijn lichaam (gevoel).

'Op slechte dagen durf ik de ander niet in de ogen te kijken, omdat ik bang ben mezelf te zien.'

Ik ben mijn eigen leven op een gegeven moment wel meer waarde gaan geven. Niet omdat ik ouder werd. Nee, ik ervoer mijn leven als betekenisvoller toen ik een kat in huis nam. Ineens was ik verantwoordelijk voor een ander levend wezen. Haar welzijn geeft mijn bestaan betekenis. Het hebben van kinderen en een partner is voor veel mensen betekenisvol en geeft het leven zin. Kunnen we daaruit concluderen dat er een ander nodig is om zin te geven aan jouw leven? Een ander kan hier staan voor: kind, partner, moeder, neefje, kat, konijn of hond.

Als ik uitga van deze theorie blijf ik mezelf afvragen wat dan (nog) de zin van het leven is als die verbondenheid met de ander zo vaak wegvalt. Juist omdat de verbondenheid met mezelf zo moeilijk is. Op slechte dagen durf ik de ander niet in de ogen te kijken, omdat ik bang ben mezelf te zien. En mezelf niet aan te kunnen; mijn angsten, grote emoties en zelfdestructie-dwang.

Ruimte voor (psychische) kwetsbaarheid

Daarnaast is het contact met de ander lastig, omdat het in onze huidige maatschappij nog steeds niet normaal is om over psychische aandoeningen te praten. Laat staan over een doodswens. Hoe vaak ik al niet heb gehoord dat het ‘wel weer goed komt’, dit een ‘fase’ is of ik ‘gewoon even een rondje moet gaan hardlopen, dat helpt mij ook altijd’. Of: ‘je wilt niet echt dood’ – gezegd door onder andere ziekenhuispersoneel terwijl ik aan de hartbewaking lag. Goedbedoeld, vast, maar ontzettend onhandig. Soms zo onhandig dat ik het wel wil uitschreeuwen of het mezelf ontzettend kwalijk neem.

'Door betekenis te geven aan mijn psychische kwetsbaarheid geef ik betekenis aan mijzelf en zoek daarmee verbinding.'

Ik kan het de ander namelijk moeilijk kwalijk nemen. In onze prestatiemaatschappij is nu eenmaal geen ruimte voor stilstaan bij (psychische) kwetsbaarheid. Voor het maken van die ruimte zet ik me in. Als ambassadeur van Samen Sterk zonder Stigma vertel ik mijn verhaal, door openheid te geven en het gesprek aan te gaan. Door betekenis te geven aan mijn psychische kwetsbaarheid geef ik betekenis aan mijzelf en zoek daarmee verbinding. Om me uiteindelijk meer verbonden te voelen met de ander en dan niet alleen met mijn kat. In de hoop me meer verbonden te gaan voelen met mijn omgeving, met de wereld en het bestaan op zich. Om de betekenis van het leven te zien en zin ín het leven te krijgen.

Meer lezen van Anne? Bekijk meer blogs via deze link.

Door: Anne van Winkelhof

Dood willen is niet gezellig. Niet iets om te vertellen op een verjaardagsfeestje. Wel iets om je schuldig over te voelen – dat doe ik in ieder geval. Ik vind het verschrikkelijk dat mensen doodziek worden, bang zijn om dood te gaan en moeten vechten voor hun leven, terwijl ik flirt met de dood. Ik wil ook heus niet altijd dood, maar toch vaak genoeg om ermee bezig te zijn. Zeker als ik de interviewreeks van Fokke Obbema over de zin van het leven lees. Dood willen is geen alledaagse behoefte, maar toch heb ik het erover. Ik citeer hierbij graag Fokke Obbema: ‘Openheid leidt tot openheid.’

Doodsdrift, ik vind het een mooi woord. Volgens Freud, die met de term kwam, betekent het zo ongeveer: ‘Het streven naar de opheffing van alle spanning.’ Er is veel kritiek op Freud zijn theorie over de driften, maar naar mijn idee klopt zijn beschrijving van de doodsdrift wel. In mijn leven is de dood altijd een oplossing geweest voor mijn problemen die ik ervaar bij en tijdens het leven. Een onherroepelijke oplossing, maar nog steeds een oplossing en, voor mij, zelfs vaak een logische.

Controle

Door mijn obsessief-compulsieve persoonlijkheidsproblematiek heb ik graag (understatement) controle. En dus ook controle over de betekenis van mijn leven, ons leven, het leven. Ik wil alles kunnen begrijpen: wat mijn plek hier op aarde is, in de maatschappij, tussen andere mensen, hoe de samenleving werkt, hoe we zo zijn geworden en hoe we ons tot elkaar verhouden.

‘Het ervaren van controle op die manier is voor mij, als psychisch kwetsbaar persoon, zinvol.’

Bovendien wil ik controle hebben over mijn sterven. Ik wil beslissen wanneer ik doodga en hoe. Dat idee geeft me rust. In het interview van Fokke Obbema met Jan Mokkenstorm wordt Camus aangehaald: ‘Dat je verdraagt dat het [het leven, AW] onduidelijk is, verdraagt dat het onzeker is en omgaat met het zinloze’ (De Volkskrant, 21 oktober 2018). Door hoe ik in elkaar zit, vind ik het ontzettend lastig om die onduidelijkheid en onzekerheid te verdragen. Ik wil dat liever niet en plan, op slechte dagen, mijn dood. Het ervaren van controle op die manier is voor mij, als psychisch kwetsbaar persoon, zinvol.

Je verbonden voelen

In het gesprek tussen Fokke Obbema met Sanneke de Haan stelt zij dat het voelen van verbondenheid, of dit nu is met mensen of met een vorm van kunst, betekenis aan het leven geeft. Wat als het niet lukt om je verbonden te voelen – aan mens of kunst? Sanneke de Haan: ‘In de psychiatrie zie ik mensen die ongelukkig zijn omdat ze juist die verbondenheid niet ervaren. Mensen die zich geïsoleerd voelen, niet gekend, of niet kunnen voelen wat anderen voelen bij een bos bloemen of bij het luisteren naar Bach’ (De Volkskrant, 30 september 2018).

Dat herken ik. Ik ben een gevoelig mens en waardeer kunst. Ik schrijf zelf en probeer met mijn teksten dichterbij het gevoel van verbondenheid te komen. Maar vaak genoeg verlies ik door de onrust in mijn hoofd een gevoel van nabijheid, veiligheid en warmte. En dat is niet omdat ik geen lieve mensen om me heen heb of me niet kan verbinden aan ‘mooie’ dingen als muziek of tekst, maar omdat ik de verbondenheid met mezelf vaak mis. Het lukt me op die momenten niet om mijn hoofd (ratio) te verbinden met mijn lichaam (gevoel).

‘Op slechte dagen durf ik de ander niet in de ogen te kijken, omdat ik bang ben mezelf te zien.’

Ik ben mijn eigen leven op een gegeven moment wel meer waarde gaan geven. Niet omdat ik ouder werd. Nee, ik ervoer mijn leven als betekenisvoller toen ik een kat in huis nam. Ineens was ik verantwoordelijk voor een ander levend wezen. Haar welzijn geeft mijn bestaan betekenis. Het hebben van kinderen en een partner is voor veel mensen betekenisvol en geeft het leven zin. Kunnen we daaruit concluderen dat er een ander nodig is om zin te geven aan jouw leven? Een ander kan hier staan voor: kind, partner, moeder, neefje, kat, konijn of hond.

Als ik uitga van deze theorie blijf ik mezelf afvragen wat dan (nog) de zin van het leven is als die verbondenheid met de ander zo vaak wegvalt. Juist omdat de verbondenheid met mezelf zo moeilijk is. Op slechte dagen durf ik de ander niet in de ogen te kijken, omdat ik bang ben mezelf te zien. En mezelf niet aan te kunnen; mijn angsten, grote emoties en zelfdestructie-dwang.

Ruimte voor (psychische) kwetsbaarheid

Daarnaast is het contact met de ander lastig, omdat het in onze huidige maatschappij nog steeds niet normaal is om over psychische aandoeningen te praten. Laat staan over een doodswens. Hoe vaak ik al niet heb gehoord dat het ‘wel weer goed komt’, dit een ‘fase’ is of ik ‘gewoon even een rondje moet gaan hardlopen, dat helpt mij ook altijd’. Of: ‘je wilt niet echt dood’ – gezegd door onder andere ziekenhuispersoneel terwijl ik aan de hartbewaking lag. Goedbedoeld, vast, maar ontzettend onhandig. Soms zo onhandig dat ik het wel wil uitschreeuwen of het mezelf ontzettend kwalijk neem.

‘Door betekenis te geven aan mijn psychische kwetsbaarheid geef ik betekenis aan mijzelf en zoek daarmee verbinding.’

Ik kan het de ander namelijk moeilijk kwalijk nemen. In onze prestatiemaatschappij is nu eenmaal geen ruimte voor stilstaan bij (psychische) kwetsbaarheid. Voor het maken van die ruimte zet ik me in. Als ambassadeur van Samen Sterk zonder Stigma vertel ik mijn verhaal, door openheid te geven en het gesprek aan te gaan. Door betekenis te geven aan mijn psychische kwetsbaarheid geef ik betekenis aan mijzelf en zoek daarmee verbinding. Om me uiteindelijk meer verbonden te voelen met de ander en dan niet alleen met mijn kat. In de hoop me meer verbonden te gaan voelen met mijn omgeving, met de wereld en het bestaan op zich. Om de betekenis van het leven te zien en zin ín het leven te krijgen.

Meer lezen van Anne? Bekijk meer blogs via deze link.

2 reacties “De zin van het leven als je liever dood wilt

  1. Bedankt Anne! Dit is zo’n ontzettend belangrijk en sterk pleidooi! Zelfs met mensen over waar ik over psychische problemen kan praten is de dood vaak een brug te ver. Het brengt paniek teweeg. En samen met het gevoel van onmacht komen er daardoor onhandige uitspraken uit zoals “je wilt eigenlijk niet dood”. Ik snap heel goed dat zo’n uitspraak je pijn doet: het is al erg genoeg om zoveel pijn te hebben dat je dood wilt, maar het wordt veel erger als je daarin niet gezien en zelfs ontkend wordt. Ik vind het heel belangrijk dat dit taboe doorbroken wordt: het niet meer willen leven is menselijk en we zouden op zulke momenten juist contact moeten kunnen zoeken in plaats van terug in de schulp te kruipen. Ik wens je daarom veel succes als ambassadeur! En voel je vrij om mij te benaderen als ik je daarin ergens kan steunen.

    Groet,
    Frank

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *