miranda-en-astrid-sszs

Deze blog is geschreven door psycholoog Clara Koek. Ze werkt bij GGZ Noord Holland Noord en is sinds vorig jaar 'uit de kast' over haar eigen psychische kwetsbaarheid. Nu gaat ze in gesprek met o.a. ggz-collega's. In dit interview spreekt ze met Miranda en haar zus Astrid. 

Vandaag ontmoet ik Miranda en haar zus Astrid. We hebben afgesproken op station Utrecht in een koffiehuis. Ik ken Miranda via Psychosenet, las een blog van haar waarbij ze schrijft over haar psychose en later promoveerde in de natuurkunde. Een verhaal waar ik graag meer over wilde weten. Ook omdat ik zelf afstudeerde na mijn psychose terwijl me was verteld dat dat niet mogelijk was. Psychiatrische patiënten studeren niet af, laat staan promoveren. Toch wel blijkt, stigma dus. Hoe zou dat dan bij haar zijn gegaan? Ik ben nieuwsgierig naar de verhalen van de twee zussen.

Andere wereld

We bestellen koffie en raken gemakkelijk aan de praat. De zussen schelen acht jaar, Miranda is de oudste. Toen ze werd opgenomen met een psychose was Astrid in opleiding tot psychiatrisch verpleegkundige. Astrid weet het nog goed, had het niet zien aankomen. Haar familie belandde plots in een andere wereld, die van de GGZ. Nieuwe, heftige ervaringen in een onbekende omgeving met een andere taal. Astrid kon toen vanuit haar opleiding en ervaring haar familie helpen deze wereld iets beter te begrijpen, zoals bijvoorbeeld uitleggen wat IBS betekende en wat het inhield. Ze fluisterde Miranda in om 'ja' te zeggen tegen de rechter als deze vroeg of ze bereid was vrijwillig te blijven.

Opeens ben je patiënt met een ernstige psychiatrische aandoening. En de vooroordelen die je zelf hebt, zijn plots op jezelf van toepassing.

Die opname is nu 15 jaar geleden. Miranda was daarvoor bezig met haar promotie-onderzoek en liep er op gegeven moment in vast. Wat begon als overspannenheid mondde uit in wat een vervangend huisarts noemde een depressie, snel volgend door een psychose en gedwongen opname. Zo zat ze nog in het leven van jonge wetenschapper en enige maanden verder vond ze zichzelf terug in een separeer op een gesloten afdeling. De opname duurde vijf maanden, ze kreeg te horen een bipolaire stoornis te hebben, een EPA. Dit voelde voor haar als de grootste klap, groter nog als het opgesloten worden. "Opeens ben je dan patiënt met een ernstige psychiatrische aandoening. En alles wat je daar eerder over hoorde, de vooroordelen die je zelf hebt, zijn plots op jezelf van toepassing. Je identiteit staat volledig op zijn kop. Zonder dat iemand lelijk tegen je doet, je afwijst,zegt dat je minder waard bent. Het gebeurt gewoon. Niet omdat je opeens stigma gaat verzinnen, maar omdat je het jaren meekreeg,op tv, op het schoolplein, in de krant, op verjaardagen, de grapjes, opmerkingen, vooroordelen. En ik ging ze op mezelf toepassen", vertelt Miranda. "Maar het duurde nog een hele tijd voordat ik echt doorkreeg hoeveel ik mezelf hiermee te kort deed, en het anders kon gaan doen. Daar had ik contact met lotgenoten binnen een cursus 'Werken met eigen ervaring' voor nodig."

Gelukkig bij een ongeluk

Eenmaal thuis stelde ze alles in het werk om haar oude leven weer zo snel mogelijk terug te krijgen. En dat lukte, in tegenstelling tot hoe het bij veel andere mensen met een ernstige psychiatrische aandoening gaat. Miranda prees zichzelf gelukkig bij een ongeluk. Tijdens de opname had ze mensen ontmoet die nooit of zelden bezoek kregen. Een lieve vrouw die als vrijwilligster op een school werkte hoefde niet meer terug te komen toen ze eerlijk antwoord had gegeven op de vraag waarom haar handen zo trilden. Een jongen van een jaar of 25 werd met 16 man sterk de separeer in gewerkt. Getuige van zoveel onrechtvaardigheden, ongelijkheid en stigma, ontstond de behoefte toen al hier iets aan te doen. Zelf werd ze niet in de steek gelaten, haar familie en vrienden bleven komen, haar werkgever bleef haar steunen en ze kon haar baan hervatten. Ze trof het ook met haar hulpverleners die in haar bleven geloven en haar aanmoedigden verder te gaan met haar werk en promotie. Ze ging samenwonen met haar vriend en na vier jaar lukte het om haar promotie af te ronden. Ze trouwde, kocht samen met haar man een mooi huis en werd moeder van twee mooie dochters. Ze voelde zich dankbaar…. en bleef onzeker, over heel veel. Terugkijkend zegt ze :”ik had de regie niet, ondanks mijn prestaties. Ik luisterde vooral naar de adviezen van de deskundigen. Ik denk dat ik niet helemaal in mijn eigen toerekeningsvatbaarheid geloofde en eerlijk gezegd vind ik dat soms  nog steeds moeilijk."

Ik denk dat ik niet helemaal in mijn eigen toerekeningsvatbaarheid geloofde en eerlijk gezegd vind ik dat soms nog steeds moeilijk.

Zus Astrid heeft als familie-ervaringsdeskundige wel het een en ander opgestoken van de opname van haar zus: “ik werkte toen in de nachtdienst en volgde de ontwikkelingen nauwlettend. Ik belde vaak met de instelling/afdeling waar Miranda was, stelde vragen, probeerde collega's daar kritisch te houden. Dat is wat ik voor haar kon doen. Een adviserende rol heb ik nooit aangenomen, als jongere zus voelde dat niet goed om te doen”. In haar huidige werk als FACT-verpleegkundige past ze de presentie-methode toe en staat ze naast de cliënt. Op de vraag of haar ervaring als ''zus van” haar daarbij helpt antwoordt ze: “ik mag eigenlijk hopen van niet. Ik denk dat mijn ervaring als verpleegkundige en simpelweg mijn mens-zijn, meer bepalend zijn voor mijn houding in mijn werk. Waar ik wel mede door mijn ervaringen als zus van Miranda van doordrongen ben, is hoe belangrijk je als familie in zo'n periode voor elkaar kunt zijn. En ook hoe dat later helpt bij de verwerking. Zonder het op te dringen aan de jonge mensen waarmee ik nu werk, breng ik het wel onder de aandacht, ook als ze zelf het meer op eigen houtje willen gaan doen.

Vertrouwen

Tijdens de opname kon Miranda het goed vinden met het personeel. Wat daarbij zeker hielp was het feit haar zus in het vak zat. Dat maakte dat ze haar hulpverleners eerder vertrouwde en hulp accepteerde. Een jongen waarmee ze bevriend raakte en die zich na ettelijke opnames volledig had afgesloten voor hulp, kwam door de vriendschap met haar tot besef dat zijn hulpverleners het mogelijk goed met hem voorhadden. Waar hij eerst zich alleen afzette en weg wilde, kon hij door het contact met Miranda beter profiteren van de hulp die hem werd geboden. Ze denkt met plezier terug aan de betekenis die ze voor hem bleek te hebben. Maar ook omgekeerd hielp hij haar met al zijn ervaring de periode op de vervreemdende gesloten afdeling te overleven.

Na jaren op deskundigen en adviezen te hebben vertrouwd werd het tijd om het op eigen kracht te gaan doen.

Het lukte steeds beter met de bipolaire aandoening om te gaan. Met medicatie, het in acht nemen van leefregels en met een noodplan konden psychoses en opnames worden voorkomen. Ondanks al het maatschappelijke herstel,bleef Miranda op dagelijkse basis ontevreden over zichzelf: "mijn persoonlijke herstel bleef ergens steken, ik wist dat er iets anders nodig was om verder te komen. Na jaren op deskundigen en adviezen te hebben vertrouwd werd het tijd om het op eigen kracht te gaan doen. Makkelijker gezegd als gedaan. Zelfstigma zat in de weg weet ik nu. Na jaren hard werken en acceptatie dat ik nu iemand was met een psychiatrische aandoening,zag ik wat ik tegelijkertijd met die acceptatie ook had gedaan: ik had de wereld in tweeën verdeeld en mezelf aan de onderkant geplaatst. Toen ik dat beeld eenmaal helder had besefte ik dat dat onzin is. Onzin om de wereld ter bescherming van het comfort van de mentaal niet zieke mens in twee groepen te verdelen, alsof de mentaal zieke een ander soort mens is. Wat mij alleen maar goed gedaan heeft, is de ontmoeting met vele lieve, leuke, grappige, aardige en intelligente mensen(met hun prettige en minder prettige kanten) die ook behept zijn met “zoiets”. '

Hoofd en hart verbinden

Het inzicht in hoe zelfstigma mij in de weg zat had ik nodig om weer verder te kunnen met mijn herstel, met mijn persoonlijke herstel. De keuzes hierna werden echt mijn keuzes en zijn het nog steeds. Ik ben gestopt met mijn wetenschappelijke carrière als natuurkundige. Hoewel  in die fase van mijn herstel het me veel heeft gebracht om te promoveren, kies ik nu voor bezigheden  waar ik mij met hoofd en hart mee kan verbinden. Ik zet me op verschillende manieren in om zaken te verbeteren voor mensen met een psychische aandoening. Zo maak ik theater bij de Firma Zorgbehang. En naast het werk wat ik nu doe (freelance als onderzoeker en adviseur in de publieke gezondheidszorg) ben ik in gesprek met de gemeente Culemborg. Het plan is samen met ervaringsdeskundigen mensen te ondersteunen die willen herstellen, aan hun zelfvertrouwen werken, maatschappelijke rollen (weer) op willen pakken. Niet binnen de GGZ maar in de wijk, daar waar mensen hun leven oppakken met of zonder (zelf)stigma. Ik ben ondertussen na 15 jaar ook aardig ervaringsdeskundig en wil dat inzetten ten dienste van anderen. Het mooie is dat dit mij ook weer verder brengt in mijn ontwikkeling. Herstel is een doorlopend proces, het is niet eindig, er is altijd hoop.

Miranda van den Broek schrijft blogs over haar leven met haar aandoening, haar herstel, moederschap en werk, zelfstigma.

Meer lezen van Clara Koek? Bekijk ook haar blog ‘Ik had het nodig mezelf te zien functioneren met aandoening’.

miranda-en-astrid-sszs

Deze blog is geschreven door psycholoog Clara Koek. Ze werkt bij GGZ Noord Holland Noord en is sinds vorig jaar ‘uit de kast’ over haar eigen psychische kwetsbaarheid. Nu gaat ze in gesprek met o.a. ggz-collega’s. In dit interview spreekt ze met Miranda en haar zus Astrid. 

Vandaag ontmoet ik Miranda en haar zus Astrid. We hebben afgesproken op station Utrecht in een koffiehuis. Ik ken Miranda via Psychosenet, las een blog van haar waarbij ze schrijft over haar psychose en later promoveerde in de natuurkunde. Een verhaal waar ik graag meer over wilde weten. Ook omdat ik zelf afstudeerde na mijn psychose terwijl me was verteld dat dat niet mogelijk was. Psychiatrische patiënten studeren niet af, laat staan promoveren. Toch wel blijkt, stigma dus. Hoe zou dat dan bij haar zijn gegaan? Ik ben nieuwsgierig naar de verhalen van de twee zussen.

Andere wereld

We bestellen koffie en raken gemakkelijk aan de praat. De zussen schelen acht jaar, Miranda is de oudste. Toen ze werd opgenomen met een psychose was Astrid in opleiding tot psychiatrisch verpleegkundige. Astrid weet het nog goed, had het niet zien aankomen. Haar familie belandde plots in een andere wereld, die van de GGZ. Nieuwe, heftige ervaringen in een onbekende omgeving met een andere taal. Astrid kon toen vanuit haar opleiding en ervaring haar familie helpen deze wereld iets beter te begrijpen, zoals bijvoorbeeld uitleggen wat IBS betekende en wat het inhield. Ze fluisterde Miranda in om ‘ja’ te zeggen tegen de rechter als deze vroeg of ze bereid was vrijwillig te blijven.

Opeens ben je patiënt met een ernstige psychiatrische aandoening. En de vooroordelen die je zelf hebt, zijn plots op jezelf van toepassing.

Die opname is nu 15 jaar geleden. Miranda was daarvoor bezig met haar promotie-onderzoek en liep er op gegeven moment in vast. Wat begon als overspannenheid mondde uit in wat een vervangend huisarts noemde een depressie, snel volgend door een psychose en gedwongen opname. Zo zat ze nog in het leven van jonge wetenschapper en enige maanden verder vond ze zichzelf terug in een separeer op een gesloten afdeling. De opname duurde vijf maanden, ze kreeg te horen een bipolaire stoornis te hebben, een EPA. Dit voelde voor haar als de grootste klap, groter nog als het opgesloten worden. “Opeens ben je dan patiënt met een ernstige psychiatrische aandoening. En alles wat je daar eerder over hoorde, de vooroordelen die je zelf hebt, zijn plots op jezelf van toepassing. Je identiteit staat volledig op zijn kop. Zonder dat iemand lelijk tegen je doet, je afwijst,zegt dat je minder waard bent. Het gebeurt gewoon. Niet omdat je opeens stigma gaat verzinnen, maar omdat je het jaren meekreeg,op tv, op het schoolplein, in de krant, op verjaardagen, de grapjes, opmerkingen, vooroordelen. En ik ging ze op mezelf toepassen”, vertelt Miranda. “Maar het duurde nog een hele tijd voordat ik echt doorkreeg hoeveel ik mezelf hiermee te kort deed, en het anders kon gaan doen. Daar had ik contact met lotgenoten binnen een cursus ‘Werken met eigen ervaring’ voor nodig.”

Gelukkig bij een ongeluk

Eenmaal thuis stelde ze alles in het werk om haar oude leven weer zo snel mogelijk terug te krijgen. En dat lukte, in tegenstelling tot hoe het bij veel andere mensen met een ernstige psychiatrische aandoening gaat. Miranda prees zichzelf gelukkig bij een ongeluk. Tijdens de opname had ze mensen ontmoet die nooit of zelden bezoek kregen. Een lieve vrouw die als vrijwilligster op een school werkte hoefde niet meer terug te komen toen ze eerlijk antwoord had gegeven op de vraag waarom haar handen zo trilden. Een jongen van een jaar of 25 werd met 16 man sterk de separeer in gewerkt. Getuige van zoveel onrechtvaardigheden, ongelijkheid en stigma, ontstond de behoefte toen al hier iets aan te doen. Zelf werd ze niet in de steek gelaten, haar familie en vrienden bleven komen, haar werkgever bleef haar steunen en ze kon haar baan hervatten. Ze trof het ook met haar hulpverleners die in haar bleven geloven en haar aanmoedigden verder te gaan met haar werk en promotie. Ze ging samenwonen met haar vriend en na vier jaar lukte het om haar promotie af te ronden. Ze trouwde, kocht samen met haar man een mooi huis en werd moeder van twee mooie dochters. Ze voelde zich dankbaar…. en bleef onzeker, over heel veel. Terugkijkend zegt ze :”ik had de regie niet, ondanks mijn prestaties. Ik luisterde vooral naar de adviezen van de deskundigen. Ik denk dat ik niet helemaal in mijn eigen toerekeningsvatbaarheid geloofde en eerlijk gezegd vind ik dat soms  nog steeds moeilijk.”

Ik denk dat ik niet helemaal in mijn eigen toerekeningsvatbaarheid geloofde en eerlijk gezegd vind ik dat soms nog steeds moeilijk.

Zus Astrid heeft als familie-ervaringsdeskundige wel het een en ander opgestoken van de opname van haar zus: “ik werkte toen in de nachtdienst en volgde de ontwikkelingen nauwlettend. Ik belde vaak met de instelling/afdeling waar Miranda was, stelde vragen, probeerde collega’s daar kritisch te houden. Dat is wat ik voor haar kon doen. Een adviserende rol heb ik nooit aangenomen, als jongere zus voelde dat niet goed om te doen”. In haar huidige werk als FACT-verpleegkundige past ze de presentie-methode toe en staat ze naast de cliënt. Op de vraag of haar ervaring als ”zus van” haar daarbij helpt antwoordt ze: “ik mag eigenlijk hopen van niet. Ik denk dat mijn ervaring als verpleegkundige en simpelweg mijn mens-zijn, meer bepalend zijn voor mijn houding in mijn werk. Waar ik wel mede door mijn ervaringen als zus van Miranda van doordrongen ben, is hoe belangrijk je als familie in zo’n periode voor elkaar kunt zijn. En ook hoe dat later helpt bij de verwerking. Zonder het op te dringen aan de jonge mensen waarmee ik nu werk, breng ik het wel onder de aandacht, ook als ze zelf het meer op eigen houtje willen gaan doen.

Vertrouwen

Tijdens de opname kon Miranda het goed vinden met het personeel. Wat daarbij zeker hielp was het feit haar zus in het vak zat. Dat maakte dat ze haar hulpverleners eerder vertrouwde en hulp accepteerde. Een jongen waarmee ze bevriend raakte en die zich na ettelijke opnames volledig had afgesloten voor hulp, kwam door de vriendschap met haar tot besef dat zijn hulpverleners het mogelijk goed met hem voorhadden. Waar hij eerst zich alleen afzette en weg wilde, kon hij door het contact met Miranda beter profiteren van de hulp die hem werd geboden. Ze denkt met plezier terug aan de betekenis die ze voor hem bleek te hebben. Maar ook omgekeerd hielp hij haar met al zijn ervaring de periode op de vervreemdende gesloten afdeling te overleven.

Na jaren op deskundigen en adviezen te hebben vertrouwd werd het tijd om het op eigen kracht te gaan doen.

Het lukte steeds beter met de bipolaire aandoening om te gaan. Met medicatie, het in acht nemen van leefregels en met een noodplan konden psychoses en opnames worden voorkomen. Ondanks al het maatschappelijke herstel,bleef Miranda op dagelijkse basis ontevreden over zichzelf: “mijn persoonlijke herstel bleef ergens steken, ik wist dat er iets anders nodig was om verder te komen. Na jaren op deskundigen en adviezen te hebben vertrouwd werd het tijd om het op eigen kracht te gaan doen. Makkelijker gezegd als gedaan. Zelfstigma zat in de weg weet ik nu. Na jaren hard werken en acceptatie dat ik nu iemand was met een psychiatrische aandoening,zag ik wat ik tegelijkertijd met die acceptatie ook had gedaan: ik had de wereld in tweeën verdeeld en mezelf aan de onderkant geplaatst. Toen ik dat beeld eenmaal helder had besefte ik dat dat onzin is. Onzin om de wereld ter bescherming van het comfort van de mentaal niet zieke mens in twee groepen te verdelen, alsof de mentaal zieke een ander soort mens is. Wat mij alleen maar goed gedaan heeft, is de ontmoeting met vele lieve, leuke, grappige, aardige en intelligente mensen(met hun prettige en minder prettige kanten) die ook behept zijn met “zoiets”. ‘

Hoofd en hart verbinden

Het inzicht in hoe zelfstigma mij in de weg zat had ik nodig om weer verder te kunnen met mijn herstel, met mijn persoonlijke herstel. De keuzes hierna werden echt mijn keuzes en zijn het nog steeds. Ik ben gestopt met mijn wetenschappelijke carrière als natuurkundige. Hoewel  in die fase van mijn herstel het me veel heeft gebracht om te promoveren, kies ik nu voor bezigheden  waar ik mij met hoofd en hart mee kan verbinden. Ik zet me op verschillende manieren in om zaken te verbeteren voor mensen met een psychische aandoening. Zo maak ik theater bij de Firma Zorgbehang. En naast het werk wat ik nu doe (freelance als onderzoeker en adviseur in de publieke gezondheidszorg) ben ik in gesprek met de gemeente Culemborg. Het plan is samen met ervaringsdeskundigen mensen te ondersteunen die willen herstellen, aan hun zelfvertrouwen werken, maatschappelijke rollen (weer) op willen pakken. Niet binnen de GGZ maar in de wijk, daar waar mensen hun leven oppakken met of zonder (zelf)stigma. Ik ben ondertussen na 15 jaar ook aardig ervaringsdeskundig en wil dat inzetten ten dienste van anderen. Het mooie is dat dit mij ook weer verder brengt in mijn ontwikkeling. Herstel is een doorlopend proces, het is niet eindig, er is altijd hoop.

Miranda van den Broek schrijft blogs over haar leven met haar aandoening, haar herstel, moederschap en werk, zelfstigma.

Meer lezen van Clara Koek? Bekijk ook haar blog ‘Ik had het nodig mezelf te zien functioneren met aandoening’.

2 reacties “Gelukkig bij een ongeluk

  1. Goed verhaal! Klara wat kun je goed schrijven en Miranda wat mooi dat je het zo helder voor jezelf hebt kunnen onderzoeken.Ik vind het stigma deel heel goed verwoord/beschreven. Spijker op haar kop! Hoe diep het in ons allemaal zit. Dat maakt mij wel nieuwsgierig naar zus Astrid, herkent zij (zelf)stigma in zichzelf bij haar collega’s, vrienden enz.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *