Door: Bianca Wijnsma

Nog niet eerder heb ik het woord "karatelesssen" zo vaak horen vallen als sinds ik open ben over mijn borderline. Ik kan er hartelijk om lachen, sterker nog; ik doe er gewoon een schepje bovenop:  "Ik krijg provisie van de sportschool voor elk nieuw lid!" Maar het is ook veelzeggend. Aan borderline hangt een hardnekkig stigma. Het gevolg daarvan is dat mensen met een aandoening geïsoleerd raken en zich onbegrepen voelen. Erger: 2/3 van de 90% mensen met een aandoening die stigma ervaren, stopt met activiteit. Ze stoppen met werken, hobby, opleiding etc.* Dat is onnodig.

Daarom ben ik open over mijn aandoening. Ik wil je vragen niet dat stapje terug te doen als ik je vertel dat ik gediagnosticeerd ben met borderline-trekken. Je hoeft geen karatelessen te nemen. Ik ben niet agressief. Hooguit vermoord ik een paar klotemuggen ;-).
Als je nu eens een stapje vooruit doet, naast me komt zitten en op de man af vraagt in welke vorm en mate ik borderline heb, dan kan ik je iets vertellen over het "stille borderline". Borderline dat naar binnen slaat. Door ernaar te vragen verwijder je mijn muurtje en bouw je een brug. Je geeft me de ruimte om jou te laten zien wie ik echt ben, over welke talenten ik beschik en hoe ik ben als vriendin, collega, zakenrelatie.

Van binnenuit

In boeken, op internet en op scholen kun je veel kennis opdoen over borderline. In mijn blogs vertel ik wat ik nergens heb kunnen lezen; namelijk wat er van binnenuit gebeurt. Om iemand goed te kunnen begrijpen is het van essentieel belang dat je weet wat er in zijn/haar hoofd omgaat. Daarin vind je namelijk de aansluiting.

'En ja, ik ben me bewust van de risico's met betrekking tot openheid.'

En ja, ik ben me bewust van de risico's met betrekking tot openheid. Ik ben een ondernemer. Er zijn mensen die liever de andere kant op kijken. Vaak uit angst voor het onbekende, angst voor de eigen conclusies die getrokken zijn voordat er een woord gesproken is. Maar stigma's verdwijnen niet en een taboe wordt niet doorbroken als we onze mond houden. Als ambassadeur van Samen Sterk zonder Stigma wil ik juist het gesprek op gang brengen.

Ik beschrijf mijn ervaringen aan de hand van de volgende symptomen van borderline:

  • Impulsiviteit
  • Problemen met zelfbeheersing
  • Verlatingsangst
  • Intense, maar stabiele relaties
  • Wisselend zelfbeeld
  • Stemmingswisselingen
  • Leegte
  • Intense woede
  • Dissociaties

De onderwerpen worden niet besproken in bovenstaande volgorde maar in volgorde van mijn behoefte. Ook dat is namelijk borderline: niet binnen de lijntjes kleuren ;-)

Vandaag:

INTENSE WOEDE

Borderline is er in vele gradaties en uitingsvormen. Het eerste waar veel mensen aan denken is de ongecontroleerde woede-aanvallen, want daar schrikken we allemaal van. Het komt voor bij borderline, maar zeker niet bij iedereen. Het kan er ook heel anders uitzien.

Een borderline-aanval betekent in mijn geval dat je me even kwijt bent op communicatief niveau. Ik implodeer als het ware. Iets of iemand heeft angst of onrust bij mij getriggerd met als gevolg dat ik me onveilig voel. Op elke vorm van onveiligheid (of zelfs onrust) reageer ik instinctief en reflexmatig: ik keer in mezelf. Wat verneem je daarvan? Ik reageer vertraagd op je vragen of ze komen niet eens bij me binnen. Ik kan niet schakelen en ik kom afwezig over. Fysiek ben ik er gewoon. Emotioneel en communicatief niet.

'Het is belangrijk om te weten dat het dan niet aan jou ligt, maar aan mij.'

Dat is niet zo gek als je bedenkt dat er zich in mijn hoofd op dat moment een ware veldslag afspeelt. Mijn ratio probeert met man en macht mijn sterke emoties van angst te beteugelen. Ik heb dan geen ruimte meer voor gesprekken met mensen buiten mezelf. Je kunt ook aan me zien dat ik gespannen ben. Elke prikkel van buiten (mensen die mijn aandacht vragen, een radio die (voor mij) veel te hard staat, iemand in de winkel die je aan de kant duwt voor een tros bananen) is meer dan ik op dat moment kan verdragen. Korte en geïrriteerde reacties van mijn kant zijn het gevolg. Ik sluit me af. Het is belangrijk om te weten dat het dan niet aan jou ligt, maar aan mij. Dit gebeurt mij en het gaat over. Maar niet altijd direct. Als de spanning van binnen te hoog oploopt, ontstaat er overlevingsgedrag. De een gaat vechten, de ander bevriest en ik vlucht. Daar kies je niet voor. Dat zit in je. En daar heb je mee te dealen, punt.

Bommetje

Toen ik nog niet open was over de borderline, schaamde ik me voor mijn heftige emoties. Ik voelde hoe ik een bommetje werd en maakte dat ik wegkwam van anderen. Hoe vaak heb ik niet ergens een plek gezocht op een verlaten terrein of midden in de weilanden in de hoop dat niemand me zou zien. Ik wist dan dat alles wat daarbinnen zat aan emoties naar buiten moest. En als een kat die een stil plekje zoekt om te sterven zocht ik een verlaten locatie om alles los te laten.

Als ik me veilig waande en geen mens meer in mijn buurt zag, liet ik me gaan. Huilen, schreeuwen. Alle spanning moest eruit. En wat een eenzaamheid en verlatenheid ervaar je als je zo diep in de emoties zit. Het is als een put waar niemand bij je kan komen, tenzij ..door liefde en warmte. Dààr vind je de verbinding! Zo'n piek kan zomaar een half uur tot drie kwartier duren. En daarna volgt een ongelooflijk intense vermoeidheid. Mentale uitputting vind ik slechter te verdragen dan fysieke uitputting. Een herstelperiode van 24 uren is niet ongebruikelijk.

'Met mensen in de buurt voor wie ik me niet hoef te schamen.'

Sinds ik weet wat er aan de hand is en sinds ik daarna ook de stap genomen heb om mijn naasten hierover te informeren, is er het een en ander veranderd. Ik hoef niet meer in paniek een stille plek op te zoeken. Als het misgaat, geef ik dat aan en krijg ik alle ruimte om dat te doen wat nodig is. Ik trek me terug op een plek waar ik op een veilige manier mijn heftige emoties kan kanaliseren. Met mensen in de buurt voor wie ik me niet hoef te schamen. Die me nemen zoals ik ben.

Als mij de vraag gesteld word: "Wat heb je nodig van mij?" Dan vertel ik mensen het volgende:

HOE KUN JE HELPEN?

Wat helpt is warmte, geduld, acceptatie, ruimte en begrip.
Zoals je van iemand met verlamde benen niet kunt verwachten dat die gaat lopen, kun je van iemand met een psychische aandoening niet verwachten dat die zijn gedrag aanpast. Een psychische stoornis is bijna altijd blijvend en vraagt, net als een fysieke beperking, om aanpassing van mensen om je heen.

Wat ook wel eens gebeurt is dat vrienden mij in een piek proberen gerust te stellen door een beroep te doen op mijn relativeringsvermogen en daarmee ratio. "Denk nou eens na, zet alles even op een rijtje. Het valt allemaal best mee." Het probleem is echter dat je in de top van je emoties helemaal niet rationeel kunt denken. Op dat moment is de emotie de baas. Ik ben dan uitsluitend nog bezig met emotioneel overleven. Pas als de storm is gaan liggen, komt er weer ruimte voor rationeel denken. Kortom: relativeren kan niet in een aanval, wel daarna (en daarna kan soms 24 uren later zijn, maar ik kan je precies vertellen wanneer ik er weer ben). 

'Ik ben bij je. Je bent niet alleen. Ik sta je bij.'

Met woorden als: "Reageer nou eens wat rustiger!" geef je bovendien het signaal af dat de ander iets niet goed doet. Borderliners zijn over het algemeen erg gevoelig en pikken zo'n irritatie direct op. Het bevestigt ze in hun onvermogen en dat werkt averechts. Wat wel helpt is ruimte en acceptatie bieden: "Laat je maar even gaan. Het is niet erg." Sla eens een arm om iemand heen of blijf er rustig naast zitten. Want dat wordt gevoeld! Je komt met deze houding binnen op het enige gebied waar contact mogelijk is: emotioneel. De arm om de schouder is goud waard, maar als je iemand nog niet goed kent, soms ook lastig om te doen. Dan is het ook heel prettig als je laat weten dat je er bent, de strijd ziet en niet weggaat (veel borderliners hebben last van verlatingsangst) zo lang deze persoon nog in disbalans is. Dat geeft namelijk een ongelooflijk geborgen gevoel en daarmee creëer je rust. Het werkt de-escalerend. Ben je wel in staat om iets te zeggen; dan is genegenheid het toverwoord. "Ik ben bij je. Je bent niet alleen. Ik sta je bij."

Borderline is er in vele vormen en gradaties. Dus maatwerk blijft voorop staan. Wat voor mij goed werkt kan bij een ander minder goed aansluiten. Maar voor alle gevallen geldt: probeer eens een stapje dichterbij te komen door het gesprek niet te stoppen bij het aanhoren van een diagnose, maar door te vragen. Dan hoor je niet alleen de beperkingen maar ook wat iemand aan talenten heeft en wat ervoor nodig is om die talenten te laten groeien.

Als ik de moed heb gehad om aan jou te vertellen over mijn aandoening dan doe ik dat omdat ik je voldoende vertrouw en de moeite waard vind om mijzelf te laten zien. Mijn sterke kanten, maar ook de kwetsbare. Ik kies door mijn openheid voor het bruggetje in plaats van het muurtje. Jij toch ook?

Enne...mocht je toch karate overwegen; doe dat dan via mij. Ik krijg provisie van de sportschool als ik nieuwe klanten aanlever ;-)

 

Door: Bianca Wijnsma

Nog niet eerder heb ik het woord “karatelesssen” zo vaak horen vallen als sinds ik open ben over mijn borderline. Ik kan er hartelijk om lachen, sterker nog; ik doe er gewoon een schepje bovenop:  “Ik krijg provisie van de sportschool voor elk nieuw lid!” Maar het is ook veelzeggend. Aan borderline hangt een hardnekkig stigma. Het gevolg daarvan is dat mensen met een aandoening geïsoleerd raken en zich onbegrepen voelen. Erger: 2/3 van de 90% mensen met een aandoening die stigma ervaren, stopt met activiteit. Ze stoppen met werken, hobby, opleiding etc.* Dat is onnodig.

Daarom ben ik open over mijn aandoening. Ik wil je vragen niet dat stapje terug te doen als ik je vertel dat ik gediagnosticeerd ben met borderline-trekken. Je hoeft geen karatelessen te nemen. Ik ben niet agressief. Hooguit vermoord ik een paar klotemuggen ;-).
Als je nu eens een stapje vooruit doet, naast me komt zitten en op de man af vraagt in welke vorm en mate ik borderline heb, dan kan ik je iets vertellen over het “stille borderline”. Borderline dat naar binnen slaat. Door ernaar te vragen verwijder je mijn muurtje en bouw je een brug. Je geeft me de ruimte om jou te laten zien wie ik echt ben, over welke talenten ik beschik en hoe ik ben als vriendin, collega, zakenrelatie.

Van binnenuit

In boeken, op internet en op scholen kun je veel kennis opdoen over borderline. In mijn blogs vertel ik wat ik nergens heb kunnen lezen; namelijk wat er van binnenuit gebeurt. Om iemand goed te kunnen begrijpen is het van essentieel belang dat je weet wat er in zijn/haar hoofd omgaat. Daarin vind je namelijk de aansluiting.

‘En ja, ik ben me bewust van de risico’s met betrekking tot openheid.’

En ja, ik ben me bewust van de risico’s met betrekking tot openheid. Ik ben een ondernemer. Er zijn mensen die liever de andere kant op kijken. Vaak uit angst voor het onbekende, angst voor de eigen conclusies die getrokken zijn voordat er een woord gesproken is. Maar stigma’s verdwijnen niet en een taboe wordt niet doorbroken als we onze mond houden. Als ambassadeur van Samen Sterk zonder Stigma wil ik juist het gesprek op gang brengen.

Ik beschrijf mijn ervaringen aan de hand van de volgende symptomen van borderline:

  • Impulsiviteit
  • Problemen met zelfbeheersing
  • Verlatingsangst
  • Intense, maar stabiele relaties
  • Wisselend zelfbeeld
  • Stemmingswisselingen
  • Leegte
  • Intense woede
  • Dissociaties

De onderwerpen worden niet besproken in bovenstaande volgorde maar in volgorde van mijn behoefte. Ook dat is namelijk borderline: niet binnen de lijntjes kleuren 😉

Vandaag:

INTENSE WOEDE

Borderline is er in vele gradaties en uitingsvormen. Het eerste waar veel mensen aan denken is de ongecontroleerde woede-aanvallen, want daar schrikken we allemaal van. Het komt voor bij borderline, maar zeker niet bij iedereen. Het kan er ook heel anders uitzien.

Een borderline-aanval betekent in mijn geval dat je me even kwijt bent op communicatief niveau. Ik implodeer als het ware. Iets of iemand heeft angst of onrust bij mij getriggerd met als gevolg dat ik me onveilig voel. Op elke vorm van onveiligheid (of zelfs onrust) reageer ik instinctief en reflexmatig: ik keer in mezelf. Wat verneem je daarvan? Ik reageer vertraagd op je vragen of ze komen niet eens bij me binnen. Ik kan niet schakelen en ik kom afwezig over. Fysiek ben ik er gewoon. Emotioneel en communicatief niet.

‘Het is belangrijk om te weten dat het dan niet aan jou ligt, maar aan mij.’

Dat is niet zo gek als je bedenkt dat er zich in mijn hoofd op dat moment een ware veldslag afspeelt. Mijn ratio probeert met man en macht mijn sterke emoties van angst te beteugelen. Ik heb dan geen ruimte meer voor gesprekken met mensen buiten mezelf. Je kunt ook aan me zien dat ik gespannen ben. Elke prikkel van buiten (mensen die mijn aandacht vragen, een radio die (voor mij) veel te hard staat, iemand in de winkel die je aan de kant duwt voor een tros bananen) is meer dan ik op dat moment kan verdragen. Korte en geïrriteerde reacties van mijn kant zijn het gevolg. Ik sluit me af. Het is belangrijk om te weten dat het dan niet aan jou ligt, maar aan mij. Dit gebeurt mij en het gaat over. Maar niet altijd direct. Als de spanning van binnen te hoog oploopt, ontstaat er overlevingsgedrag. De een gaat vechten, de ander bevriest en ik vlucht. Daar kies je niet voor. Dat zit in je. En daar heb je mee te dealen, punt.

Bommetje

Toen ik nog niet open was over de borderline, schaamde ik me voor mijn heftige emoties. Ik voelde hoe ik een bommetje werd en maakte dat ik wegkwam van anderen. Hoe vaak heb ik niet ergens een plek gezocht op een verlaten terrein of midden in de weilanden in de hoop dat niemand me zou zien. Ik wist dan dat alles wat daarbinnen zat aan emoties naar buiten moest. En als een kat die een stil plekje zoekt om te sterven zocht ik een verlaten locatie om alles los te laten.

Als ik me veilig waande en geen mens meer in mijn buurt zag, liet ik me gaan. Huilen, schreeuwen. Alle spanning moest eruit. En wat een eenzaamheid en verlatenheid ervaar je als je zo diep in de emoties zit. Het is als een put waar niemand bij je kan komen, tenzij ..door liefde en warmte. Dààr vind je de verbinding! Zo’n piek kan zomaar een half uur tot drie kwartier duren. En daarna volgt een ongelooflijk intense vermoeidheid. Mentale uitputting vind ik slechter te verdragen dan fysieke uitputting. Een herstelperiode van 24 uren is niet ongebruikelijk.

‘Met mensen in de buurt voor wie ik me niet hoef te schamen.’

Sinds ik weet wat er aan de hand is en sinds ik daarna ook de stap genomen heb om mijn naasten hierover te informeren, is er het een en ander veranderd. Ik hoef niet meer in paniek een stille plek op te zoeken. Als het misgaat, geef ik dat aan en krijg ik alle ruimte om dat te doen wat nodig is. Ik trek me terug op een plek waar ik op een veilige manier mijn heftige emoties kan kanaliseren. Met mensen in de buurt voor wie ik me niet hoef te schamen. Die me nemen zoals ik ben.

Als mij de vraag gesteld word: “Wat heb je nodig van mij?” Dan vertel ik mensen het volgende:

HOE KUN JE HELPEN?

Wat helpt is warmte, geduld, acceptatie, ruimte en begrip.
Zoals je van iemand met verlamde benen niet kunt verwachten dat die gaat lopen, kun je van iemand met een psychische aandoening niet verwachten dat die zijn gedrag aanpast. Een psychische stoornis is bijna altijd blijvend en vraagt, net als een fysieke beperking, om aanpassing van mensen om je heen.

Wat ook wel eens gebeurt is dat vrienden mij in een piek proberen gerust te stellen door een beroep te doen op mijn relativeringsvermogen en daarmee ratio. “Denk nou eens na, zet alles even op een rijtje. Het valt allemaal best mee.” Het probleem is echter dat je in de top van je emoties helemaal niet rationeel kunt denken. Op dat moment is de emotie de baas. Ik ben dan uitsluitend nog bezig met emotioneel overleven. Pas als de storm is gaan liggen, komt er weer ruimte voor rationeel denken. Kortom: relativeren kan niet in een aanval, wel daarna (en daarna kan soms 24 uren later zijn, maar ik kan je precies vertellen wanneer ik er weer ben). 

‘Ik ben bij je. Je bent niet alleen. Ik sta je bij.’

Met woorden als: “Reageer nou eens wat rustiger!” geef je bovendien het signaal af dat de ander iets niet goed doet. Borderliners zijn over het algemeen erg gevoelig en pikken zo’n irritatie direct op. Het bevestigt ze in hun onvermogen en dat werkt averechts. Wat wel helpt is ruimte en acceptatie bieden: “Laat je maar even gaan. Het is niet erg.” Sla eens een arm om iemand heen of blijf er rustig naast zitten. Want dat wordt gevoeld! Je komt met deze houding binnen op het enige gebied waar contact mogelijk is: emotioneel. De arm om de schouder is goud waard, maar als je iemand nog niet goed kent, soms ook lastig om te doen. Dan is het ook heel prettig als je laat weten dat je er bent, de strijd ziet en niet weggaat (veel borderliners hebben last van verlatingsangst) zo lang deze persoon nog in disbalans is. Dat geeft namelijk een ongelooflijk geborgen gevoel en daarmee creëer je rust. Het werkt de-escalerend. Ben je wel in staat om iets te zeggen; dan is genegenheid het toverwoord. “Ik ben bij je. Je bent niet alleen. Ik sta je bij.”

Borderline is er in vele vormen en gradaties. Dus maatwerk blijft voorop staan. Wat voor mij goed werkt kan bij een ander minder goed aansluiten. Maar voor alle gevallen geldt: probeer eens een stapje dichterbij te komen door het gesprek niet te stoppen bij het aanhoren van een diagnose, maar door te vragen. Dan hoor je niet alleen de beperkingen maar ook wat iemand aan talenten heeft en wat ervoor nodig is om die talenten te laten groeien.

Als ik de moed heb gehad om aan jou te vertellen over mijn aandoening dan doe ik dat omdat ik je voldoende vertrouw en de moeite waard vind om mijzelf te laten zien. Mijn sterke kanten, maar ook de kwetsbare. Ik kies door mijn openheid voor het bruggetje in plaats van het muurtje. Jij toch ook?

Enne…mocht je toch karate overwegen; doe dat dan via mij. Ik krijg provisie van de sportschool als ik nieuwe klanten aanlever 😉