Door: Kees Dijkman

Humor is om te lachen, toch? Even niet zo serieus. Gewoon de zaak op de hak nemen. Beetje relativeren. Moet je niet te veel achter zoeken. En zeker niet over zeuren. Niets is zo zuur als kritiek op grappen. Dus ik ga me met deze blog op glad ijs begeven. Niet omdat ik de antwoorden weet, maar wel omdat ik de goede vragen wil stellen.

Eerst een paar voorbeelden:

  • GGZ Friesland laat de merknaam Denk vervallen, omdat ze bergen mail binnenkrijgen die eigenlijk voor de partij DENK bedoeld is. Het televisieprogramma Zondag met Lubach van 5 maart maakt daar de volgende grap over: ‘Als GGZ Friesland mailtjes krijgt van politiek geïnteresseerden, dan moet de politieke partij DENK dus mailtjes krijgen van mensen die psychische hulp nodig hebben. Nu weten we dus hoe DENK aan zijn standpunten komt! Verklaart alles!’
  • Nico Dijkshoorn heeft een vaste column in de zaterdagse Volkskrant. Op 3 maart schreef hij: ‘Toen ik 12 jaar oud was, bestonden er nog geen verwarde personen. […] Ik wist wel dat er gekken bestonden. Precies één keer per jaar zag ik er een grommend in de leunstoel van mijn oma zitten. Als mijn oma jarig was, nam een van haar vriendinnen een gek mee. Hij heette Henk. Ik vond Henk vrij groot en volgroeid voor een gek. In mijn verbeelding waren gekken heel magere mensen die ergens langs de weg stonden met een levende kip in hun broek. […] Alle andere mensen in de kamer deden net alsof Henk normaal was, maar mij lukte het niet om doodsangst te verbergen.’
  • Een grap die telkens weer opduikt in allerlei moppentrommels, in pulpblaadjes en op internet: ‘Welkom op de telefoonlijn van de psychiatrische hulpdienst. Als je last hebt van obsessies druk dan telkens een 1 in. Als je erg afhankelijk bent, vraag dan iemand om de 2 voor je in te drukken. Als je meerdere persoonlijkheden hebt, druk dan 3, 4, 5 en 6. Als je paranoïde bent, dan weten we wie en wat je bent. Blijf gewoon even hangen zodat we je telefoontje kunnen traceren. Als je depressief bent, dan maakt het niet uit welk nummer je intoetst. Er zal toch niemand antwoorden.’ Enzovoorts. Het einde van deze grap valt overigens in de categorie zieke humor, die ik hier liever niet herhaal.

Glimlach

Is dit leuk? Maakt het daarbij uit of je zelf een psychische aandoening hebt of niet? En als het eigenlijk helemaal niet leuk is, hoe komt het dan dat je soms toch een glimlach niet kunt onderdrukken?

‘Bij grappen over anderen moet je uitkijken.’

Een belangrijk verschil is of je grappen maakt over jezelf of grappen over anderen. Of zelfs ten koste van anderen. Bij grappen over anderen moet je uitkijken. Grappen ten koste van anderen zijn hoe dan ook altijd fout. Maar grappen over jezelf, daar kun je zo ver in gaan als je wilt. Ik ben in mijn leven een paar keer opgenomen geweest in een GGZ-instelling. Nergens werden zulke harde grappen gemaakt als daar, onder ons. Soms behoorlijk recht op de man – maar alleen als je wist wat je aan elkaar had. En ook behoorlijk vaak over onszelf. Soms kwam er een socio bij zitten. Dat is nu eenmaal wat socio’s doen: erbij komen zitten. Die werd dan als toehoorder getolereerd. Maar oh wee als ‘ie mee ging doen. Dan was het gelijk klaar met de grappen.

Gekken

Toen ik een kind was, vertelden we elkaar op het schoolplein moppen over ‘gekken’. Moppen van het kaliber: lopen twee gekken op straat, zegt de ene gek tegen de andere: ‘Mag ik nu in het midden lopen?’ Jarenlang heb ik zulke moppen niet gehoord, gewoon, omdat het moppen voor kinderen zijn. Maar nu pikt mijn dochter van negen ze weer op. En wat blijkt? De moppen zijn nog precies hetzelfde, op één belangrijk detail na. Ze gaan niet meer over ‘gekken’. Ze gaan nu over ‘oenen’. Geen idee hoe deze verandering tot stand is gekomen. Maar mooi vind ik ‘m wel!

Meer lezen van Kees? Lees ook zijn andere blogs: ‘Pillen‘, ‘Hartverscheurend‘, ‘Klaar‘, ‘Zwarte Hond‘ en ‘Waanzin‘.