Een betere, herstelondersteunende ggz begint bij respectvolle, herstelondersteunende taal. Ga je anders praten, dan ga je anders denken. Remke van Staveren, psychiater en initiatiefnemer van HART voor de GGZ laat aan de hand van een simpele gedachteoefening zien hoe je patiëntgericht communiceert.

Door Remke van Staveren

‘Cliënt is bekend met schizofrenie.’ ‘Oh, dat is die borderliner!’ ‘Ze doet echt iets in het contact.’ ‘Patiënt is therapieontrouw.’ ‘Hij heeft geen ziekte-inzicht.’

Zomaar een greep uit de vele tenenkrommende uitspraken die ik dagelijks in de ggz tegenkom. Met de beste bedoelingen zeggen we soms de meest vreselijke dingen (ja, ik ook!). Een betere, herstelondersteunende ggz begint bij respectvolle, herstelondersteunende taal. Ga je anders praten, dan ga je anders denken. En denk je anders, dan ga je ook anders met elkaar om: zonder stigma.

Taal vormt ons denken

Het is algemeen bekend dat het succes van ieder (behandel)contact in de ggz valt of staat bij de kwaliteit van de relatie tussen hulpverlener en cliënt (met zijn naasten), en dat communicatie daarin het belangrijkste instrument is. Sterker nog: 80% van het succes van wat je ook doet hangt van je communicatie af. ‘Ja maar,’ hoor ik vaak tegenwerpen, ‘we kunnen toch al communiceren?!’ Zeker, zeker, maar zou het misschien beter kunnen?

Een voorbeeld: die borderliner van de Stationsstraat
Hoe vaak ik het volgende al gehoord heb tijdens de ochtend-overdracht van de crisisdienst: ‘Mevrouw de Vries heeft vannacht weer eens in haar polsen gekrast.’ ‘Oh. Is dat niet die borderliner van de Stationsstraat?’

Wissel van perspectief

Wat gebeurt er als je andere woorden kiest, en vervolgens doorvraagt? Laten we een simpele gedachteoefening doen. Gebruik je voorstellingsvermogen en wissel van perspectief.

Beeld je in dat jij de cliënt bent, en dat de ander de hulpverlener is. Wat zie je dan, en wat voel je? Wat heb je nodig? Nu je van perspectief bent gewisseld, spreek je dan nog steeds over ‘krassen’ en ‘die borderliner’? Of realiseer je je dat je misschien nog onvoldoende van je cliënt weet om haar écht te kunnen begrijpen?

Die borderliner van de Stationsstraat, maar dan anders
‘Mevrouw de Vries heeft vannacht in haar polsen gesneden.’ ‘Oh. Is dat niet die ernstig getraumatiseerde vrouw die aan de Stationsstraat woont? Wat is er gebeurd? Hoe is ze in crisis geraakt? Hoe kunnen we haar ondersteunen, zodat het haar een volgende keer lukt om met spanning om te gaan zonder zichzelf te beschadigen?’

De taal van compassie

Deze simpele gedachtenoefening, het wisselen van perspectief, is onderdeel van een methode genaamd patiëntgericht communiceren (ook wel cliëntgericht of mensgericht genoemd). Patiëntgericht communiceren is gericht op herstel, eigen regie en verantwoordelijkheid. Met waarden als echtheid, empathie, respect en acceptatie, professionele nabijheid en compassie. Hulpverlener en cliënt zijn gelijkwaardig: beiden expert op het eigen gebied, terwijl naasten zoveel mogelijk betrokken worden bij de zorg.

Hoe dan?

Er zijn talloze mogelijkheden waarop we een cliënt kunnen respecteren en accepteren, zonder de regie of verantwoordelijkheid over te nemen. Het belangrijkste is dat wat we zeggen en doen oprecht is, en bij ons past.

Die ernstig getraumatiseerde vrouw die aan de Stationsstraat woont
Mevrouw de Vries belt diezelfde dag nog op: ‘Mijn slaapmedicatie is op. Jullie schrijven me ook altijd te weinig voor! En nu ga je zeker zeggen dat het mijn eigen schuld is en ik geen nieuw recept krijg!’

Betekent compassievol communiceren dan ook dat mevrouw de Vries nu een nieuw recept voor slaapmedicatie krijgt? Nee, dat zou geen goede zorg zijn. Maar hoe dan wel? We beginnen met goed luisteren, doorvragen, erkenning geven en vervolgens zogenaamde copingvragen stellen: ‘Wat maakt dat u vannacht in uw polsen hebt gesneden en extra slaapmedicatie nodig had?’ ‘Tjonge! Nu begrijp ik waarom u zich in de steek gelaten voelt.’ ‘Wat hebt u verder al geprobeerd? En heeft dat geholpen, al is het maar een beetje?’ ‘Zeker. Dat ís ook moeilijk! Wat deed u eerder in een situatie als deze om voor uzelf te zorgen? (…) Oh ja? En is er iemand die u hierbij kan ondersteunen?’

Een betere ggz begint bij betere communicatie

Natuurlijk kunnen we al communiceren! Maar zou het, als we diep in ons hart kijken, niet een ietsie pietsie beter kunnen? ‘Patiëntgericht communiceren’ wordt in Engelssprekende landen (google onder ‘patient-centered communication’) al decennia onderzocht en wat blijkt? Het wérkt. Patiëntgericht communiceren geeft meer positieve gezondheidseffecten en een grotere tevredenheid, zowel onder cliënten als onder hulpverleners. En het goed nieuws is: je kunt het leren.

meer weten?

Remke van Staveren schreef het boek 'Patiëntgericht communiceren in de ggz'. In de tweede druk zijn veel eigentijdse, herstelondersteunende concepten geïntegreerd. Patiëntgericht communiceren was altijd al gericht op het versterken van wat er goed gaat, en waar de patiënt of cliënt goed in is. Eigen regie en empowerment lopen als een rode draad door het boek. Hoofdstukken als Samen een behandelplan maken, In gesprek met naasten en Samen beslissen over medicatie zijn daar een mooi voorbeeld van. Twee nieuwe hoofdstukken Autisme en Herstelondersteunende taal zijn samen met ervaringsdeskundigen geschreven.

Remke is ook initiatiefnemer van HART voor de ggz.

Een betere, herstelondersteunende ggz begint bij respectvolle, herstelondersteunende taal. Ga je anders praten, dan ga je anders denken. Remke van Staveren, psychiater en initiatiefnemer van HART voor de GGZ laat aan de hand van een simpele gedachteoefening zien hoe je patiëntgericht communiceert.

Door Remke van Staveren

‘Cliënt is bekend met schizofrenie.’ ‘Oh, dat is die borderliner!’ ‘Ze doet echt iets in het contact.’ ‘Patiënt is therapieontrouw.’ ‘Hij heeft geen ziekte-inzicht.’

Zomaar een greep uit de vele tenenkrommende uitspraken die ik dagelijks in de ggz tegenkom. Met de beste bedoelingen zeggen we soms de meest vreselijke dingen (ja, ik ook!). Een betere, herstelondersteunende ggz begint bij respectvolle, herstelondersteunende taal. Ga je anders praten, dan ga je anders denken. En denk je anders, dan ga je ook anders met elkaar om: zonder stigma.

Taal vormt ons denken

Het is algemeen bekend dat het succes van ieder (behandel)contact in de ggz valt of staat bij de kwaliteit van de relatie tussen hulpverlener en cliënt (met zijn naasten), en dat communicatie daarin het belangrijkste instrument is. Sterker nog: 80% van het succes van wat je ook doet hangt van je communicatie af. ‘Ja maar,’ hoor ik vaak tegenwerpen, ‘we kunnen toch al communiceren?!’ Zeker, zeker, maar zou het misschien beter kunnen?

Een voorbeeld: die borderliner van de Stationsstraat
Hoe vaak ik het volgende al gehoord heb tijdens de ochtend-overdracht van de crisisdienst: ‘Mevrouw de Vries heeft vannacht weer eens in haar polsen gekrast.’ ‘Oh. Is dat niet die borderliner van de Stationsstraat?’

Wissel van perspectief

Wat gebeurt er als je andere woorden kiest, en vervolgens doorvraagt? Laten we een simpele gedachteoefening doen. Gebruik je voorstellingsvermogen en wissel van perspectief.

Beeld je in dat jij de cliënt bent, en dat de ander de hulpverlener is. Wat zie je dan, en wat voel je? Wat heb je nodig? Nu je van perspectief bent gewisseld, spreek je dan nog steeds over ‘krassen’ en ‘die borderliner’? Of realiseer je je dat je misschien nog onvoldoende van je cliënt weet om haar écht te kunnen begrijpen?

Die borderliner van de Stationsstraat, maar dan anders
‘Mevrouw de Vries heeft vannacht in haar polsen gesneden.’ ‘Oh. Is dat niet die ernstig getraumatiseerde vrouw die aan de Stationsstraat woont? Wat is er gebeurd? Hoe is ze in crisis geraakt? Hoe kunnen we haar ondersteunen, zodat het haar een volgende keer lukt om met spanning om te gaan zonder zichzelf te beschadigen?’

De taal van compassie

Deze simpele gedachtenoefening, het wisselen van perspectief, is onderdeel van een methode genaamd patiëntgericht communiceren (ook wel cliëntgericht of mensgericht genoemd). Patiëntgericht communiceren is gericht op herstel, eigen regie en verantwoordelijkheid. Met waarden als echtheid, empathie, respect en acceptatie, professionele nabijheid en compassie. Hulpverlener en cliënt zijn gelijkwaardig: beiden expert op het eigen gebied, terwijl naasten zoveel mogelijk betrokken worden bij de zorg.

Hoe dan?

Er zijn talloze mogelijkheden waarop we een cliënt kunnen respecteren en accepteren, zonder de regie of verantwoordelijkheid over te nemen. Het belangrijkste is dat wat we zeggen en doen oprecht is, en bij ons past.

Die ernstig getraumatiseerde vrouw die aan de Stationsstraat woont
Mevrouw de Vries belt diezelfde dag nog op: ‘Mijn slaapmedicatie is op. Jullie schrijven me ook altijd te weinig voor! En nu ga je zeker zeggen dat het mijn eigen schuld is en ik geen nieuw recept krijg!’

Betekent compassievol communiceren dan ook dat mevrouw de Vries nu een nieuw recept voor slaapmedicatie krijgt? Nee, dat zou geen goede zorg zijn. Maar hoe dan wel? We beginnen met goed luisteren, doorvragen, erkenning geven en vervolgens zogenaamde copingvragen stellen: ‘Wat maakt dat u vannacht in uw polsen hebt gesneden en extra slaapmedicatie nodig had?’ ‘Tjonge! Nu begrijp ik waarom u zich in de steek gelaten voelt.’ ‘Wat hebt u verder al geprobeerd? En heeft dat geholpen, al is het maar een beetje?’ ‘Zeker. Dat ís ook moeilijk! Wat deed u eerder in een situatie als deze om voor uzelf te zorgen? (…) Oh ja? En is er iemand die u hierbij kan ondersteunen?’

Een betere ggz begint bij betere communicatie

Natuurlijk kunnen we al communiceren! Maar zou het, als we diep in ons hart kijken, niet een ietsie pietsie beter kunnen? ‘Patiëntgericht communiceren’ wordt in Engelssprekende landen (google onder ‘patient-centered communication’) al decennia onderzocht en wat blijkt? Het wérkt. Patiëntgericht communiceren geeft meer positieve gezondheidseffecten en een grotere tevredenheid, zowel onder cliënten als onder hulpverleners. En het goed nieuws is: je kunt het leren.

meer weten?

Remke van Staveren schreef het boek ‘Patiëntgericht communiceren in de ggz’. In de tweede druk zijn veel eigentijdse, herstelondersteunende concepten geïntegreerd. Patiëntgericht communiceren was altijd al gericht op het versterken van wat er goed gaat, en waar de patiënt of cliënt goed in is. Eigen regie en empowerment lopen als een rode draad door het boek. Hoofdstukken als Samen een behandelplan maken, In gesprek met naasten en Samen beslissen over medicatie zijn daar een mooi voorbeeld van. Twee nieuwe hoofdstukken Autisme en Herstelondersteunende taal zijn samen met ervaringsdeskundigen geschreven.

Remke is ook initiatiefnemer van HART voor de ggz.