Jan Anne

werkt als configuratiebeheerder op de ICT afdeling van de Belastingdienst.

“Toen ik doorkreeg dat ik ADD heb was ik daar heel blij mee. Ja echt blij! Allerlei kwartjes die veertig jaar lang ergens waren blijven hangen vielen eindelijk op hun plaats. Vrij snel daarna kwam echter het besef dat ik het me dan wel realiseerde, maar dat was pas het halve werk, ik moest er ook nog wat mee doen. Het glazen plafond waar ik tegen aan hikte (er zat meer in , maar ik wist maar niet hoe ik het eruit kon halen) zou niet zomaar verdwijnen. Dit is een lange weg.

Eén van de stappen die ik de eerste maand nam was het aan een leidinggevende vertellen. Hoe naïef zou je kunnen zeggen. Ik kreeg te horen dat hij geen risico’s wilde lopen en dat het een te groot risico voor het bedrijf was om mij in te schrijven voor cursussen (die ik een maand daarvoor zonder problemen wel kon bestellen). Ik moest maar gaan nadenken over hoe ik mij binnen de organisatie wilde gaan bewegen. Op mijn eigen niveau was er meer begrip. Ook daar vielen kwartjes, vreemde gedragingen konden ineens worden geplaatst. Uiteindelijk was ik toch die aardige jongen die ze dachten!

Out in the open

Toch voelde ik me niet helemaal happy met de situatie. Van mede ADD-ers kreeg ik te horen dat zij het nooit zouden vertellen, omdat ze bang waren voor de reactie die ik had gekregen. Op een speciale interne conferentie heb ik het out in the open gegooid. Daar met velen gepraat, ook managers. Op de conferentie heb ik heel veel positieve reacties gehad.

Dit smaakte naar meer. In het jaar daarna heb ik me twee maal laten interviewen voor een club HRM/Coaches. Met als doel openheid te geven, maar ook vertellen over hoe je met niets kostende maatregelen mensen die het allemaal net even anders doen goed tot hun recht kan laten komen. Dat is leuk om te doen! Grappige vragen!

Psychisch deukje

Werkambassadeur worden is voor mij een logische volgende stap. Al hoopte ik stiekem wel dat er iemand anders op zou staan… Maar nog steeds heerst er veel angst en dus kwam er niemand. Juist dat laat zien dat het broodnodig is. Wat ik wil laten zien is dat het mij juist heel veel gebracht heeft om er open over te zijn. Ik kan mijn bijzondere talenten inzetten om zelf gelukkiger te worden (en het bedrijf beter). Door de openheid zien mensen dat eerder en waarderen ze meer wie ik ben en hoe ik ben.

Ik denk ook dat juist mensen met een psychisch deukje heel goed hebben nagedacht over hun mindere kanten. En daar bewust/onbewust/gedwongen rekening mee houden. Wat voor henzelf en het bedrijf van grote waarde is.
Wat ik in ieder geval wil doen is op het interne ‘social-netwerk’ een plaats creëren waar ik positieve dingen laat zien. Bijzondere talenten van de psychisch anderen. Bijvoorbeeld de Engelse inlichtingendienst die juist mensen met autisme aanneemt omdat die goed zijn in het ontcijferen van codes.”