Bijna de helft van de mensen met een psychische aandoening lijdt onder zelfstigma. Je denkt dat de heersende negatieve opvattingen over psychische aandoeningen waar zijn en je voelt je onzeker over jezelf of over wat je wel of niet kan. Zelfstigma kan herstel in de weg zitten. Je kunt worden ondersteund bij het herkennen van je eigen stigma’s en het doorbreken en oplossen ervan. Om te beginnen geven we een aantal tips die je op weg kunnen helpen.

Zelfstigma vindt plaats op vier onderdelen:

  • Jezelf naar beneden halen: ‘Ik voel me vaak de minste in gezelschap’. ‘Ik ga niet naar dat verjaardagsfeestje, mensen vinden mij vreemd en dus zal ik de hele avond alleen zitten.’
  • Jezelf tekort voelen schieten: ‘Ik tel maatschappelijk niet meer mee.’ Of: ‘Het heeft geen zin meer om te solliciteren, ik heb toch niet genoeg competenties.’
  • Je sociaal terugtrekken: ‘Ik kan net zo goed thuis blijven, ik kan toch geen contact maken met anderen.’
  • Angst voor publiek stigma/geringe stigma-weerbaarheid: ‘Ik ben bang dat mensen niet meer met me om willen gaan als ze horen dat ik in behandeling ben bij de GGZ.’ Of: ‘Mensen zien vast aan mij dat ik een psychische aandoening heb.’

Inzicht in jouw eigen stigma’s en waar je eigen stigma het zwaarst telt kan helpen deze vooroordelen over jezelf weg te nemen. Weet je niet zeker of last hebt van zelfstigma? Doe de test. Als je op een rij krijgt welke gedachten je in de weg zitten, kun je hieraan werken door na te gaan waar deze gedachten vandaan komen, zodat je ze bespreekbaar kan maken. Dit geldt ook voor emotie en gedrag. Op welke momenten voel je je klein worden en welke emoties levert dat op. Ga je situaties uit de weg hierdoor? Als je bang bent voor het oordeel van een ander is het wellicht zinnig om je weerbaarheid te vergroten tegen heersende stereotypering en vooroordelen. Bijvoorbeeld door een training te volgen. Je kunt mogelijk ook zelfstigma ter sprake brengen tijdens je behandeling of begeleiding. Op onze website staan tips voor hulpverleners maar ook tips voor naasten.

Tips bij negatieve gedachten

Het is niet makkelijk om zelfstigmatiserende gedachten onder controle te houden. Deze kunnen een eigen leven leiden. Bij zelfstigma, maar ook bij andere negatieve gedachten is het allereerst van belang je bewust te zijn van deze gedachten. Vraag jezelf af waar je gedachten vandaan komen. Weet dat gedachten je gedrag kunnen beïnvloeden. Vraag om hulp als je voelt dat je je eigen gedachten niet onder controle hebt.

“Het keerpunt kwam toen ik besloot totale openheid van zaken te geven. Hiervoor moest ik veel schaamte overwinnen.”

Er zijn verschillende therapieën waarbij je leert hoe je controle houdt op je eigen gedachten en wat het effect is op je gedrag. Ook tijdens trainingen en workshops op het gebied van zelfstigma komen gedachten veelvuldig aan bod. Niet om ze te relativeren, maar om ze bespreekbaar te maken.

Tips bij negatieve emoties of gevoelens

Niemand is zonder emoties. Gelukkig maar want anders zou ook passie, compassie en liefde niet voorkomen in onze samenleving. Maar emoties kunnen ook voor negatieve lading zorgen. Simpelweg niet meegaan in negatieve emoties of gevoelens is makkelijker gezegd dan gedaan.

“Als je een voorbeeld wilt van zelfstigma? Ik schaamde me echt helemaal kapot. Vond dat ik geen hulp verdiende. Ik hield iedereen op afstand en vertelde niemand over mijn aandoening.”

Soms is een emotie aantoonbaar, je bent verdrietig als er iets naars gebeurt. Maar wat doe je op momenten dat je wordt overvallen door schaamte, omdat je bang bent dat je iets raars hebt gedaan of gezegd. Het is dan handig om te weten waar deze emotie vandaan komt. Vraag je af: Belemmert het mij? Is het antwoord ‘ja’ dan kun je overwegen hiermee aan de slag te gaan.

Tips bij terugtrekkend gedrag

‘Doe het nou maar gewoon’. Was het maar zo simpel. Bij zelfstigma zie je vaak dat men situaties of activiteiten gaat vermijden uit angst voor negatieve ervaringen of reacties. Dat vermijden niet heel handig is, weten de meeste mensen wel. Het kan ervoor zorgen dat je steeds meer uit de weg gaat waardoor je eenzaam wordt of in een sociaal isolement raakt. Maar gewoonweg activiteiten weer oppakken, is vaak zo makkelijk niet. De eerste stap is om te herkennen welke situaties je vermijdt. Wat voor gedachten gaan er door je heen, welke emoties ervaar je hierbij. Bagatelliseer je gedachten niet. Denk niet ‘ách ik vond verjaardagen toch nooit zo leuk’ als dat eigenlijk niet zo is’. Bedenk wat je weer zou willen oppakken.

“Mensen drukten mij in een hokje en ik geloofde dat het waar was. Tot het moment dat ík er klaar mee was: ik paste niet in dat hokje, wilde daar uit.”

Vraag om hulp als je niet weet waar je moet beginnen. Die hulp hoeft niet per se te komen van een hulpverlener. Vraag het iemand die je vertrouwt of een ervaringsdeskundige die zich in het thema heeft verdiept. En zet de eerste stap. Kom in actie, maar doe het stap voor stap. En dan is het toch uiteindelijk: ‘doe het’.

Napraten

Wil je graag met een hulpverlener praten? Je kunt bellen, mailen of chatten met Stichting Korrelatie.